Het keelgebied staat voor expressie en zelfrealisatie. Jezelf laten zien en horen in wie je bent.
Als dat afgesloten is, uit zelfbescherming. Kan dat zich uiten in te zacht praten, of met een “te jonge” stem. Of stil blijven als je eigenlijk wil spreken.
Wanneer dit gebeurt, kun je aflezen aan het lichaam. Met lichaamsgerichte begeleiding kun je deze signalen oppakken en onderzoeken wat eronder zit. Zo voelt iemand het en kan het begrepen worden. En er komt ook ruimte voor iets nieuws: de stap die iemand eigenlijk wil maken (maar nog niet durft).
Casus
Haar vraag gaat over werkelijk zichzelf zijn en zich daarin laten zien.
We staan tegenover elkaar. Zij aan de ene kant van de kamer en ik aan de andere.
Ze opent haar ogen, neemt de tijd haar lichaam te voelen. Voetje voor voetje kom ik dichterbij.
Opeens worden haar ogen groter, angstige blik, vochtige ogen. Het blijft stil en iets verstijft
Ik stop en vraag wat ze nu ervaart in zichzelf:
“Ik ben bang, verdrietig”.
Waar voel je dat?
De angst zit in haar gehemelte en haar keel. Daar tintelt het en ze beschrijft een zwarte koude prop.
Als je daar contact mee maakt met die sensaties die horen bij de angst.
Waar is dat deel van jou bang voor?
“Dat je me ziet en dat je me omver loopt”.
EN wat zou ik dan kunnen zien?
“Mijn kwetsbaarheid”. En wat zie ik dan als ik je kwetsbaarheid zie? Aarzelend en zachter: “dat ik niet goed genoeg ben”.
En hoe probeert dat deel van jou je te beschermen?
Door te bevriezen, en mezelf te verstoppen van binnen. Dan kan ik blijven staan.
Leg je hand maar op je keel en de andere op je buik.
Wat heeft het eigenlijk nodig, dit bange stukje?
“Warmte” zegt ze.
Beide handen blijven op haar lijf. De ene hand koestert het bange stuk in haar keel, langzaam zakt het naar beneden. Het is zwart en hard. Het zakt vanzelf onder haar hand naar de linker kant van haar hart. Daar wordt het zachter, lichter, de leegte eromheen voelt opeens als ruimte. In haar keel is het opener en rustiger.
“Loop nu nog eens naar me” toe zegt ze.
De stem is nu vol en stevig. In haar ogen zie ik aanwezigheid en openheid.
Ze houdt haar hand op haar hart.
“Stop zegt ze. Ja, tot hier”.
“Er is geen haar op mijn hoofd die er overdenkt om je om ver te lopen, zeg ik.
Maar ik ben wel heel nieuwsgierig naar jou. Zeker als je zo duidelijk bent”.
Het waarnemen van veranderingen in het lichaam: de houding, ogen, bewegingen, toon vd stem, brengt je direct bij waar de begeleidingsvraag zich vertaalt in het lichaam. Dat iemand laten ervaren, doet de eerste stap naar meer balans vanzelf ontstaan. Dat maakt werken met en vanuit het lijf zo leuk, zo effectief en doeltreffend.
Begin oktober start de reis weer: level 1 lichaamswijsheid herkennen en toepassen. 11 mei is de kans om kennis te maken bij de introductieworkshop.



